ECLI:NL:RVS:2026:2727
Raad van State
- Hoger beroep
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- J. Luijendijk
- J.A.W. Huijben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek geluidshinder voetbalkooi Groningen
Appellant woont nabij een voetbalkooi in Groningen en verzocht het college handhavend op te treden tegen geluidshinder. Het college wees dit verzoek af op grond van een rapport met geluidsmetingen, waarop appellant bezwaar maakte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant stelde hoger beroep in.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het college het juiste beoordelingskader toepaste en dat het rapport zorgvuldig tot stand was gekomen. Appellant voerde aan dat het rapport niet representatief was vanwege de korte meetperiode en het ontbreken van rekening houden met factoren als schoolvakanties en weer, maar dit werd verworpen omdat appellant zelf instemde met de meetperiode en geen alternatieven had voorgesteld.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college niet bevoegd is handhavend op te treden zonder overtreding van de geluidsnormen en dat de vraag naar alternatieven buiten de procedure valt. Ook was een nieuw deskundigenrapport niet nodig. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van het handhavingsverzoek tegen geluidshinder van de voetbalkooi wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.