ECLI:NL:RVS:2026:3401
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie nam een aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit moet nemen.
De minister stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitvoering van de uitspraak van de rechtbank op te schorten. De voorzieningenrechter overwoog dat de minister binnen zes maanden een nieuw besluit moet nemen en dat er geen spoedeisend belang was om de voorziening te treffen.
Daarom werd het verzoek afgewezen en werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, bestaande uit kosten voor beroepsmatige rechtsbijstand.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.