ECLI:NL:RVS:2026:3634
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen en overdracht verzoeker
Verzoeker heeft bij besluiten van 3 maart 2026 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor zichzelf en zijn minderjarige kinderen, welke niet in behandeling zijn genomen door de minister van Asiel en Migratie. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker tegen deze besluiten niet-ontvankelijk op 28 mei 2026. Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overweegt dat het hoger beroep nader onderzoek vereist en dat de procedure voor de voorlopige voorziening zich niet leent voor inhoudelijke beoordeling. Gezien de belangen van verzoeker wordt een voorlopige voorziening getroffen om te voorkomen dat verzoeker wordt overgedragen voordat op het hoger beroep is beslist.
Daarnaast wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, die geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, tot een bedrag van € 934,00. De uitspraak is gedaan op 23 juni 2026 door voorzieningenrechter H.G. Sevenster.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.