ECLI:NL:RVS:2026:3672
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H.A. Knol
- J. Hoekstra
- M.J.M. Ristra-Peeters
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en wijziging bestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4 wegens onvoldoende parkeeronderzoek
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak geoordeeld dat de raad van de gemeente Den Haag onvoldoende inzicht heeft gegeven in de gevolgen van het bestemmingsplan "Anna van Hannoverstraat 4" voor de parkeerdruk in de wijk Voorburg Noord, gelegen in de gemeente Leidschendam-Voorburg. Dit gebrek leidde tot vernietiging van het besluit van 14 december 2023.
De raad heeft vervolgens bij besluit van 29 januari 2026 het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld, waarbij onder meer een voorwaardelijke verplichting tot invoering van gereguleerd parkeren in Voorburg Noord is opgenomen. Appellanten voerden aan dat deze maatregelen onvoldoende zijn onderbouwd en dat het parkeerregime in de buurgemeente weerstand oproept.
De Afdeling oordeelt dat de raad met het herstelbesluit voldoende heeft voldaan aan de opdracht uit de tussenuitspraak. De voorwaardelijke verplichting en de afspraken met de gemeente Leidschendam-Voorburg bieden een adequate waarborg tegen onaanvaardbare parkeerhinder. Het beroep tegen het herstelbesluit wordt ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond is verklaard en dat besluit wordt vernietigd.
De rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit blijven in stand voor zover deze niet door het herstelbesluit zijn gewijzigd. De raad wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het oorspronkelijke bestemmingsplan wordt vernietigd, het herstelbesluit wordt bevestigd en het plan wordt gewijzigd vastgesteld met een voorwaardelijke parkeerregeling.