ECLI:NL:RVS:2026:3692
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake proceskostenvergoeding bij niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het niet tijdig genomen besluit en legde de minister een dwangsom en een proceskostenvergoeding van € 233,50 op.
Appellant ging in hoger beroep tegen de hoogte van de proceskostenvergoeding. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte een wegingsfactor van 0,25 (zeer licht) toepaste in plaats van 0,5 (licht). Hierdoor werd de proceskostenvergoeding te laag vastgesteld.
De Afdeling vernietigde het deel van het vonnis dat de minister veroordeelde tot € 233,50 en veroordeelde de minister tot een totale proceskostenvergoeding van € 934,00, verdeeld over beroep en hoger beroep. De zaak werd als licht aangemerkt, passend bij de aard van het hoger beroep.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het vonnis van de rechtbank over de proceskostenvergoeding en veroordeelt de minister tot een hogere vergoeding van € 934,00.