ECLI:NL:RVS:2026:3979
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor kamerbewoning ondanks bezwaar appellant
De burgemeester van Gennep verleende op 16 juni 2023 een exploitatievergunning voor een kamerbewoningsinrichting met vier kamers op een locatie in Heijen. Het college nam op 5 juli 2023 een herstelbesluit vanwege onbevoegdheid van het eerdere besluit en trok het besluit van 16 juni 2023 op 4 oktober 2023 in. Het bezwaar van appellant tegen het herstelbesluit werd op 15 december 2023 ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
Appellant voerde formele en inhoudelijke gronden aan, waaronder onrechtmatigheden in de samenstelling van de bezwaarcommissie, het niet publiceren van de vergunningaanvraag, een incompleet procesdossier, en de vraag of een omgevingsvergunning vereist was. De Afdeling oordeelde dat de bezwaarcommissie bevoegd was, appellant zijn zienswijze kon geven ondanks de publicatiefout, en dat het procesdossier voldoende was voor beoordeling. De vraag naar de omgevingsvergunning viel buiten de reikwijdte van het geding.
Verder stelde appellant dat het college naliet handhavend op te treden tegen illegale kamerverhuur en dat er strijd was met het gelijkheidsbeginsel. De Afdeling verwierp deze gronden omdat zij niet relevant waren voor de verleende exploitatievergunning en omdat de situaties niet vergelijkbaar waren. Ook het betoog over het bijgebouw werd afgewezen. De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de vergunning voor kamerbewoning is bevestigd.