ECLI:NL:RVS:2026:4033
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering vernietigd besluit verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie wees op 6 maart 2026 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Betrokkene stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 4 juni 2026 het besluit vernietigde en de minister opdroeg binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
De minister ging in hoger beroep tegen deze uitspraak en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening om uitvoering van het vonnis van de rechtbank op te schorten totdat het hoger beroep is beslist. Betrokkene leverde een schriftelijke reactie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het hoger beroep nader onderzoek vereist en dat de procedure voor een voorlopige voorziening daarvoor geschikt is. Gezien de belangen van beide partijen werd de voorlopige voorziening toegekend, waardoor de minister niet hoeft te voldoen aan het vonnis van de rechtbank totdat de Afdeling bestuursrechtspraak op het hoger beroep heeft beslist. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De minister hoeft het vonnis van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.