ECLI:NL:RVS:2026:4045
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- M. Soffers
- J. Luijendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing wijziging verblijfsvergunning moeder en kinderen
De moeder en haar minderjarige kinderen hadden bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van een aanvraag tot wijziging van de beperking van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. De rechtbank had het bezwaar gegrond verklaard en het besluit vernietigd, waarna de minister hoger beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de rechtmatigheid van het besluit op bezwaar heeft getoetst aan feiten die zich na het besluit op bezwaar hebben voorgedaan. De minister had moeten toetsen aan de feiten ten tijde van het besluit op bezwaar, waarbij de vermeende inmenging in het familie- en gezinsleven nog niet aan de orde was.
Daarnaast klaagt de moeder over de belangenafweging door de minister, maar de Afdeling stelt vast dat de minister de individuele omstandigheden van betrokkenen heeft meegewogen en niet uitsluitend het economisch belang van Nederland heeft laten prevaleren.
De Afdeling verklaart het hoger beroep van de minister gegrond, het incidenteel hoger beroep van betrokkenen ongegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep alsnog ongegrond. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de moeder en haar kinderen ongegrond.