ECLI:NL:RVS:2026:4096
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing uitspraak rechtbank inzake verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie had op 26 mei 2026 besloten een aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. Betrokkene stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 26 juni 2026 het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen. De voorzieningenrechter overwoog dat het niet aannemelijk was dat de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep in stand zou blijven, mede omdat betrokkene geen nadere onderbouwing gaf van zijn psychische kwetsbaarheid en geen medische stukken overlegde.
Daarom werd de uitspraak van de rechtbank geschorst, waardoor de rechtsgevolgen van het besluit van 26 mei 2026 onverkort blijven gelden totdat het hoger beroep is beslist. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst totdat het hoger beroep is beslist, waardoor het besluit van de minister onverkort blijft gelden.