ECLI:NL:RVS:2026:496
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing openbaarmakingsverzoek wegens misbruik van recht op grond van de Wet open overheid
De appellant verzocht de minister van Justitie en Veiligheid om openbaarmaking van alle correspondentie, data en verslagen van telefoongesprekken met het departement sinds 23 januari 2015 op grond van de Wet open overheid (Woo). De minister weigerde het verzoek in behandeling te nemen vanwege misbruik van recht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Afdeling overweegt dat op grond van artikel 1.1 Woo iedereen recht heeft op toegang tot publieke informatie, maar dat verzoeken die kennelijk een ander doel dienen dan het verkrijgen van publieke informatie kunnen worden afgewezen op grond van artikel 4.6 Woo. De Afdeling stelt vast dat appellant met zijn verzoek evident niet beoogt publieke informatie te verkrijgen, maar het verzoek gebruikt als drukmiddel, zoals ook al in een eerdere procedure onder de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) is vastgesteld.
De Afdeling concludeert dat het hoger beroep ongegrond is en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 28 januari 2026.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat het verzoek om openbaarmaking niet in behandeling hoeft te worden genomen wegens misbruik van recht.