ECLI:NL:RVS:2026:543

Raad van State

Datum uitspraak
3 februari 2026
Publicatiedatum
30 januari 2026
Zaaknummer
BRS.25.002593
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening schorsing uitspraak rechtbank inzake E&S-signalering

De minister van Asiel en Migratie heeft op 14 januari 2025 betrokkene gesignaleerd in het systeem Executie en Signalering (E&S-signalering). Betrokkene stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 20 november 2025 het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen.

De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het hoger beroep nader onderzoek vereist en dat de procedure voor een voorlopige voorziening geschikt is om de rechtspositie van partijen te waarborgen.

Daarom werd de uitspraak van de rechtbank geschorst, waardoor de rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit van 14 januari 2025 omtrent de E&S-signalering onverkort blijven gelden totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst totdat de Afdeling bestuursrechtspraak op het hoger beroep heeft beslist.

Uitspraak

BRS.25.002593
Datum uitspraak: 3 februari 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:
de minister van Asiel en Migratie,
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 20 november 2025 in zaak nr. NL25.3540 in het geding tussen:
[betrokkene]
en
de minister.
Procesverloop
Bij besluit van 14 januari 2025 heeft de minister betrokkene gesignaleerd in het systeem Executie en Signalering (E&S-signalering).
Bij uitspraak van 20 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister binnen vier weken na de dag van bekendmaking van de uitspraak een nieuw besluit neemt met inachtneming van de uitspraak.
Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Ook heeftzij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.   De minister verzoekt de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening te treffen dat de uitspraak van de rechtbank wordt geschorst totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
2.   Het hoger beroep vergt nader onderzoek, waarvoor deze procedure zich niet goed leent. Daarom en gelet op de belangen die de minister en betrokkene naar voren hebben gebracht, treft de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening. De uitspraak van de rechtbank wordt dus geschorst. Daarom herleeft de situatie in rechte van voor de uitspraak van de rechtbank. Dit betekent dat de rechtsgevolgen van het besluit van 14 januari 2025, voor zover die gaan over de E&S-signalering, onverkort gelden totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
3.   De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
schorst bij wijze van voorlopige voorziening de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 20 november 2025 in zaak nr. NL25.3540, totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
Aldus vastgesteld door mr. C.M. Wissels, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T.W.A. Weber, griffier.
w.g. Wissels
voorzieningenrechter
w.g. Weber
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 3 februari 2026
846-1086