ECLI:NL:RVS:2026:799
Raad van State
- Wraking
- J.J.W.P. van Gastel
- J. Luijendijk
- J.A.W. Huijben
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking staatsraad wegens vermeende partijdigheid afgewezen wegens te late indiening
De Stichting Platform Keelbos verzocht op 21 januari 2026 om wraking van staatsraad C.H. Bangma, lid van de enkelvoudige kamer die de hoofdzaak behandelde. De stichting stelde dat de staatsraad op de zitting van 13 januari 2026 de schijn van partijdigheid had gewekt door te verwijzen naar een eerdere uitspraak waartegen de stichting een herzieningsverzoek had ingediend.
De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het wrakingsverzoek op 4 februari 2026. De staatsraad berustte niet in het verzoek en gaf een schriftelijke reactie. De stichting bracht tevens naar voren dat de vraagstelling van de staatsraad over een homo-ontmoetingsplek partijdigheid zou suggereren.
De Afdeling oordeelde dat het wrakingsverzoek te laat was ingediend, omdat het verzoek niet direct na de zitting van 13 januari was gedaan, maar pas op 21 januari. Er waren geen verschoonbare redenen voor deze vertraging. Het feit dat de stichting een herzieningsverzoek had ingediend tegen de eerdere uitspraak bood geen rechtvaardiging voor het late wrakingsverzoek.
Op grond van artikel 8:16, eerste lid, van de Awb en artikel 5, vierde lid, van de Wrakings- en verschoningsregeling bestuursrechterlijke colleges 2022 verklaarde de Afdeling het verzoek niet-ontvankelijk. De staatsraad bleef dus ongewraakt en de procedure kon worden voortgezet.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van staatsraad Bangma is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.