ECLI:NL:RVS:2026:813
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.J. Daalder
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J. Luijendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit centraal stembureau over onjuiste woonplaatsvermelding kandidatenlijst Hellendoorn
Het beroep betreft het besluit van het centraal stembureau van 6 februari 2026, waarin de kandidatenlijst van Lokaal Hellendoorn geldig werd verklaard met vermelding van 'Marle' als woonplaats bij vier kandidaten. Appellante betoogt dat deze woonplaats onjuist is omdat volgens de Wet basisregistratie adressen en gebouwen (Wet BAG) deze personen geregistreerd staan met woonplaats Hellendoorn.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat Marle geen zelfstandige woonplaats is binnen de gemeente Hellendoorn zoals bedoeld in de Wet BAG. De vermelding van Marle is waarschijnlijk ontstaan door een fout in de gebruikte OSV-software, waarin Marle als plaatsnaam kon worden gekozen, maar dit betreft een woonplaats in een andere gemeente.
De Afdeling oordeelt dat op grond van artikel H 2, eerste lid, van het Kiesbesluit in samenhang met artikel 1 van Pro de Wet BAG de woonplaats Hellendoorn vermeld moet worden achter de betreffende kandidaten. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd voor zover het de woonplaatsvermelding betreft, en het centraal stembureau wordt opgedragen de woonplaats te corrigeren. Tevens wordt appellante het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het centraal stembureau wordt vernietigd voor de onjuiste woonplaatsvermelding en de woonplaats 'Hellendoorn' moet worden vermeld.