ECLI:NL:CBB:2001:AB1026
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- C.M. Wolters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen doding verdachte dieren bij mond- en klauwzeer
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees om alle evenhoevige dieren op zijn bedrijf als verdacht van mond- en klauwzeer aan te merken en te doden, na een bevestigde besmetting in de omgeving. Verzoeker wilde preventieve vaccinatie in plaats van noodvaccinatie en doding, en betoogde dat het besluit in strijd was met het Europese recht.
De president van het College heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld en overwogen dat de besmetting op het primaire bedrijf voldoende was vastgesteld op basis van erkende testen. Hoewel de Europese richtlijnen uitputtend lijken, is voorlopig geoordeeld dat onder uitzonderlijke omstandigheden verdergaand optreden toegestaan kan zijn.
Verder is geoordeeld dat vaccinatie alleen een middel is om de ruiming geordend te laten verlopen en dat het onverantwoord is te wachten op een mogelijke toekomstige beleidswijziging van de Europese Commissie. Gezien de risico's van verspreiding is het besluit tot doding niet kennelijk onredelijk. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot doding van verdachte dieren wordt afgewezen.