ECLI:NL:CBB:2001:AB3261
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. Wolters
- H.C. Cusell
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Geen tegemoetkoming schadevergoeding bij besmetting bruinrot door normaal bedrijfsrisico
Appellant, een pootaardappelteler, werd geconfronteerd met maatregelen wegens besmetting met bruinrot op zijn bedrijf. Hij vorderde een tegemoetkoming in de schade op grond van artikel 4 van Pro de Plantenziektenwet, stellende dat de besmetting door beregening met oppervlaktewater buiten zijn schuld en risico viel.
Het College oordeelde dat het risico van besmetting door beregening met oppervlaktewater een normaal bedrijfsrisico vormt dat appellant bewust heeft genomen. Er was geen sprake van onzorgvuldigheid van de Plantenziektenkundige Dienst, noch van een causaal verband tussen de maatregelen en de schade die buiten het normale bedrijfsrisico valt.
De besmetting dateert waarschijnlijk uit 1994, vóór de door appellant gestelde beregeningsperiode. Bovendien kon appellant zich bewust zijn van het besmettingsrisico via oppervlaktewater. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.
De zaak benadrukt dat schade voortvloeiend uit normale bedrijfsrisico's niet voor vergoeding in aanmerking komt onder artikel 4 van Pro de Plantenziektenwet, ook niet indien de schade aanzienlijk is. Tevens is geen sprake van onrechtmatigheid of tekortkoming door de overheid in de waarschuwingsplicht.
Het College achtte geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en wees het beroep af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van tegemoetkoming in schadevergoeding bevestigd.