ECLI:NL:CBB:2002:AE0344
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- H.C. Cusell
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt vergunning biotechnologische handelingen bij dieren
De Erasmus Universiteit Rotterdam heeft een vergunning gekregen van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij voor het verrichten van biotechnologische handelingen, met name het genereren van genetisch gemodificeerde muizen. Vereniging AVS Proefdiervrij stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat de belangen van de proefdieren onvoldoende waren meegewogen en dat de vergunning in strijd was met de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwd).
Het College overwoog dat de vergunningverlening zorgvuldig was voorbereid, met adviezen van de Commissie biotechnologie bij dieren en uitgebreide inspraakprocedures. De bezwaren van appellante werden niet concreet onderbouwd en het College vond geen reden om de vergunning te vernietigen. Het 'nee, tenzij'-principe was naar behoren toegepast en de vergunning bevatte voorschriften ter bescherming van de dieren.
Het College benadrukte dat absolute zekerheid over de gevolgen van de biotechnologische handelingen niet vereist is en dat de vergunning voorschriften bevat om ernstige nadelige effecten op dieren te voorkomen. De grieven over het toestaan van het aanhouden van transgene muizen met gezondheidsproblemen werden eveneens verworpen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening voor biotechnologische handelingen bij dieren wordt ongegrond verklaard.