ECLI:NL:CBB:2002:AE0758
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Cusell
- M.A. Fierstra
- R.J.G.M. Widdershoven
- Rechtspraak.nl
College vernietigt tuchtbeslissing wegens onjuiste feitelijke grondslag in accountantszaak
Appellant, een accountant, werd door de raad van tucht berispt wegens het afgeven van een verklaring die volgens klagers onterecht het stempel van betrouwbaarheid op cijfers in een Investment Proposal zou hebben gedrukt. De klacht was ingediend door aandeelhouders en betrokkenen bij de vennootschappen G en E.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven stelde vast dat appellant de verklaring uitsluitend aan D had verstrekt, die de verklaring voor zijn eigen dossier had gevraagd. De verklaring betrof financiële informatie tot en met oktober 1996, waarvan geen onjuistheid was gebleken. Latere verslechteringen in de prognoses waren appellant niet bekend en konden niet aan hem worden toegerekend.
Het College oordeelde dat de raad van tucht ten onrechte aannam dat appellant het investeringsadvies van D voor zijn rekening nam en dat de verklaring een deugdelijke grondslag ontbeerde. De klacht werd daarom ongegrond verklaard en de tuchtbeslissing vernietigd. Hiermee werd de zorgvuldigheid en taakomschrijving van appellant bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt gegrond verklaard en de tuchtbeslissing vernietigd; de klacht wordt ongegrond verklaard.