ECLI:NL:CBB:2002:AE1282
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.J. Kuiper
- M.A. van der Ham
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke intrekking GMP-erkenning diervoeder wegens overtreding Swillregeling
Appellante, een diervoederleverancier, kreeg haar GMP-erkenning ingetrokken omdat zij producten afnam van een niet-GMP-erkend bedrijf dat keuken- en slachtafvallen (swill) verwerkte, wat verboden is volgens de Swillregeling. Hoewel appellante stelde dat de verwerkte swill niet onder het verbod viel, oordeelde het College dat dit standpunt onjuist was en dat verweerder terecht de erkenning introk.
De procedure omvatte meerdere bezwaren en beroepen, waarbij appellante onder meer aanvoerde dat het bestreden besluit niet goed gemotiveerd was, dat zij niet gehoord was, en dat zij inmiddels opnieuw een GMP-erkenning had gekregen. Verweerder stelde dat de intrekking terecht was vanwege het niet waarborgen van de basiskwaliteit en dat de overtredingen voldoende grond vormden.
Het College overwoog dat de intrekking betrekking had op de situatie ten tijde van het besluit en dat de nieuwe erkenning niet tot een gegrond bezwaar leidde. Het College bevestigde dat appellante de basiskwaliteit niet kon waarborgen en dat de intrekking daarom terecht was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de intrekking van haar GMP-erkenning wordt ongegrond verklaard.