ECLI:NL:CBB:2002:AF2172
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- M.A. Fierstra
- R.J.G.M. Widdershoven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op hardheidsgeval 1 bij toepassing pluimveerechten wegens niet-geldigheid 8.19-melding als milieuvergunning
Appellant, exploitant van een agrarisch bedrijf, had een melding gedaan op grond van artikel 8.19 Wet milieubeheer voor een uitbreiding van de pluimveestal van 30.000 naar 50.000 kippen. Verweerder wees het verzoek af om deze melding als milieuvergunning te erkennen voor toepassing van hardheidsgeval 1 onder de Meststoffenwet, omdat alleen milieuvergunningen of meldingen op grond van het Besluit melkrundveehouderijen of akkerbouwbedrijven milieubeheer in aanmerking komen.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of een 8.19-melding gelijkgesteld kan worden met een milieuvergunning in de zin van artikel 58k, eerste lid, onderdeel a, Meststoffenwet. Het College overwoog dat de wetgever bewust heeft gekozen voor duidelijke, harde toetsingscriteria zoals milieuvergunningen en specifieke meldingen, om rechtszekerheid te waarborgen.
Het College concludeerde dat de 8.19-melding niet kan worden gelijkgesteld aan een milieuvergunning voor de toepassing van het hardheidsgeval. Dit wordt bevestigd door het feit dat in het corresponderende stelsel voor varkenshouderij de 8.19-melding wel expliciet is opgenomen, wat in de pluimveesector niet het geval is. De verschillen tussen de stelsels en de wetgeving maken een ruimere interpretatie niet mogelijk.
Het beroep van appellant wordt daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat een 8.19-melding niet gelijkgesteld kan worden met een milieuvergunning voor toepassing van hardheidsgeval 1 onder de Meststoffenwet.