ECLI:NL:CBB:2003:AF5259
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing energie-investeringsaftrek en energiebesparingsnorm
Appellante heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar verzoek om een energie-verklaring voor een energiemanagementsysteem onder de Wet inkomstenbelasting 2001. Verweerder stelde aanvankelijk dat geen energiebesparing werd gerealiseerd, mede gebaseerd op een onjuiste aanname van draaiuren. Na correctie erkende verweerder dat wel energiebesparing plaatsvindt, maar dat deze onvoldoende is om te voldoen aan de minimale energiebesparingsnorm van 0,5 Nm3 a.e. per jaar per geïnvesteerde gulden.
Het College oordeelt dat verweerder in het bestreden besluit een onjuiste maatstaf hanteerde door uit te gaan van 10.950 draaiuren in plaats van 8.784, waardoor geen juiste toetsing aan de generieke energiebesparingsnorm heeft plaatsgevonden. Hierdoor ontbeert het besluit een deugdelijke motivering en wordt het vernietigd.
Desondanks concludeert het College dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand moeten blijven, omdat de energiebesparing, zelfs volgens appellante, niet voldoet aan de norm. Het College bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed, maar wijst verdere proceskosten toewijzing af.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens gebrekkige motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.