ECLI:NL:CBB:2003:AF6059
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten afwijzing energie-verklaring vanwege onjuiste feitelijke grondslag
Appellante Belvedere Vastgoed B.V. heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Economische Zaken die haar verzoeken om een energie-verklaring voor investeringen in HR-glas en isolatie afwezen. De kern van het geschil betrof de vraag op welk moment de investeringsverplichtingen waren aangegaan, wat bepalend is voor de termijn waarbinnen het verzoek om een energie-verklaring moest worden ingediend.
De Minister stelde dat de verplichtingen reeds op 3 maart 2000 waren aangegaan bij het sluiten van een aannemingsovereenkomst, terwijl appellante betoogde dat door ingrijpende wijzigingen in het ontwerp en de bouwvergunning de definitieve verplichtingen pas op 8 juni 2000 waren aangegaan. Het College oordeelde dat de definitieve hoeveelheden en prijzen van het HR-glas en de isolatie op 3 maart 2000 niet objectief bepaalbaar waren vanwege noodzakelijke ontwerpwijzigingen.
Het College concludeerde dat de bestreden besluiten berusten op een onjuiste feitelijke grondslag en vernietigde deze. Verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: De bestreden besluiten worden vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.