ECLI:NL:CBB:2003:AH9198
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- M.J. Kuiper
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet in behandeling nemen verzoek energie-investeringsaftrek
Appellanten dienden verzoeken in voor een verklaring als bedoeld in artikel 3:42 van Pro de Wet inkomstenbelasting 2001, betreffende energie-investeringsaftrek voor een bedrijfsmiddel. Verweerder stelde in brieven aanvullende gegevens en specificaties van het bedrijfsmiddel op, met een uiterste inleverdatum van 16 augustus 2002. Appellanten leverden deze gegevens niet tijdig aan, ondanks een toegekend uitstel.
Verweerder besloot de aanvragen niet in behandeling te nemen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat de verstrekte gegevens onvoldoende waren voor beoordeling. Appellanten maakten bezwaar en voerden aan dat de aanvragen inhoudelijk gegrond waren en dat de termijnoverschrijding niet verwijtbaar was door omstandigheden binnen het dossier van hun gemachtigde.
Het College oordeelde dat verweerder terecht de gevraagde gegevens heeft geëist en dat de termijn niet onredelijk was, mede gezien het toegekende uitstel en de vakantieperiode. De stelling van appellanten dat de overschrijding niet verwijtbaar was, was onvoldoende onderbouwd. Het College vond de gevolgen van de niet-tijdige indiening binnen de risicosfeer van appellanten en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: Het College verklaart de beroepen ongegrond en handhaaft de besluiten tot niet in behandeling nemen van de verzoeken om energieverklaring.