ECLI:NL:CBB:2003:AM7765
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- D. Roemers
- E.J.M. Heijs
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering subsidie akkerbouwgrond wegens onvoldoende bewijs
Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin gedeeltelijke weigering van subsidie werd bevestigd voor een perceel akkerbouwgrond. Het geschil betreft de vraag of het perceel voldoet aan de definitie van akkerland zoals vereist voor subsidiëring volgens de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen.
Verweerder stelde dat appellante onvoldoende bewijs had geleverd dat het perceel in de referentieperiode (1987-1991) daadwerkelijk met een akkerbouwgewas was beteeld, ondanks herhaald verzoek om bewijsstukken zoals eigendomsakte en kadastrale kaarten. Appellante voerde aan dat het perceel was verkregen ter vervanging van akkerland in het kader van een ruilverkaveling vóór 20 januari 2000, waardoor oude regelgeving van toepassing zou zijn.
Het College oordeelde dat verweerder ten onrechte uitging van oude regelgeving zonder overgangsrecht en dat het besluit niet deugdelijk was gemotiveerd. Daarom werd het besluit vernietigd. Echter, omdat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij tijdig schriftelijke toestemming had verkregen zoals vereist, bleven de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Het College veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot gedeeltelijke weigering van subsidie wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.