ECLI:NL:CBB:2003:AN9042
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- D. Roemers
- M.J. Kuiper
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering uitvoerrestituties kaas wegens niet-naleving invoerbewijsplicht
Appellante, F. Noordhoek & Zoon B.V., maakte bezwaar tegen de intrekking en terugvordering van restituties die zij had ontvangen voor de uitvoer van kaas naar Bulgarije. Verweerder had op basis van een onderzoek van de FIOD en de Algemene Inspectiedienst geconcludeerd dat de kaas niet daadwerkelijk in Bulgarije was ingevoerd, maar op de Griekse markt was afgezet, en had daarom de restituties ingetrokken en teruggevorderd.
Het College oordeelde dat appellante niet het vereiste bewijs van invoer in Bulgarije had geleverd, aangezien de overgelegde Bulgaarse invoerdocumenten aangaven dat de goederen tijdelijk waren ingevoerd met de bedoeling tot wederuitvoer. De door appellante aangevoerde verklaringen en enquêteformulieren waren onvoldoende concreet om het bewijs van invoer te ondersteunen.
Appellante voerde onder meer aan dat het besluit niet deugdelijke motivering bevatte, dat zij te goeder trouw was, dat de nationale autoriteiten onzorgvuldig hadden gehandeld en dat het besluit in strijd was met het vertrouwensbeginsel en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het College verwierp deze verweren, stellende dat de verantwoordelijkheid voor het leveren van het juiste bewijs bij appellante lag en dat het tijdsverloop en de gedragingen van de autoriteiten geen reden vormden om van terugvordering af te zien.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van F. Noordhoek & Zoon B.V. is ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van de uitvoerrestituties is gehandhaafd.