ECLI:NL:CBB:2003:AO1916
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Cusell
- C.J. Borman
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tuchtklacht tegen registeraccountant over onderzoeksrapport en beroepsuitoefening
In deze zaak hebben appellanten ABC beroep ingesteld tegen een beslissing van de Raad van Tucht voor Registeraccountants en Accountants-Administratieconsulenten te Amsterdam, die klachten tegen registeraccountant P en bestuursvoorzitter Q had beoordeeld. De klachten betroffen onder meer het uitbrengen van een onderzoeksrapport en de beroepsuitoefening van P.
Het College overwoog dat het ne bis in idem-beginsel van toepassing was op klachten tegen Q over dezelfde periode en onderwerpen als eerder beoordeeld, waardoor deze klachten ongegrond werden verklaard. Ten aanzien van P oordeelde het College dat het rapport van P een expliciet voorbehoud had moeten bevatten over de juistheid van de inhoud, gezien de mogelijkheid dat nieuwe informatie nog beschikbaar zou komen. Het College stelde vast dat de Raad van Tucht onvoldoende had gemotiveerd waarom het rapport onvoldoende deugdelijke grondslag zou hebben en dat het rapport feitelijk onjuiste oordelen bevatte.
Het College concludeerde dat de klacht tegen P gegrond was voor zover het ging om het uitbrengen van het eindrapport zonder voldoende voorbehoud, maar dat de tekortkomingen niet zodanig waren dat een maatregel opgelegd moest worden. Het beroep van ABC werd voor een deel niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige verworpen, terwijl het beroep van P gegrond werd verklaard en de zaak dienovereenkomstig werd afgedaan.
Uitkomst: Het beroep van P wordt gegrond verklaard en de klacht tegen hem gegrond verklaard voor het uitbrengen van het eindrapport zonder voldoende voorbehoud, zonder oplegging van een maatregel.