ECLI:NL:CBB:2003:AO1928
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- D. Roemers
- C.J. Borman
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit landbouwheffing wegens onttrekking melkpoeder aan douanetoezicht
Op 21 januari 1998 diende appellant beroep in tegen een besluit van 12 december 1997 waarin hij werd aangeslagen voor landbouwheffing vanwege onttrekking van melkpoeder aan het douanetoezicht. De melkpoeder werd niet volgens het T1-document vervoerd van België naar Bulgarije, maar onttrokken door aflevering in Nederland bij afnemers, zonder de douane te informeren. Appellant, als vervoerder, gaf de T1-documenten niet aan de douane maar aan derden, ondanks kennis van de onttrekking.
Verweerder stelde dat appellant aansprakelijk was voor de douaneschuld op grond van het Communautair douanewetboek en de Verordening (EEG) nr. 1031/88. Appellant voerde aan dat hij niet opzettelijk handelde en dat de navorderingstermijn van drie jaar was overschreden. Het College oordeelde dat het CDW geen terugwerkende kracht heeft en dat de aansprakelijkheid op de Verordening (EEG) nr. 1031/88 berust. Appellant werd terecht als onttrekker aangemerkt omdat hij de douaneverzegeling doorbrak door de documenten aan derden te geven.
Het College stelde vast dat de navorderingstermijn van vijf jaar van toepassing is bij strafrechtelijke onregelmatigheden en dat appellant niet te goeder trouw handelde. Diverse verklaringen en bewijsstukken toonden aan dat appellant wist dat de melkpoeder niet naar Bulgarije werd vervoerd en dat hij medewerking verleende tegen betaling. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven in stand. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, waarbij de rechtsgevolgen in stand blijven.