ECLI:NL:CBB:2004:AO3815
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- C.M. Wolters
- J.A. Hagen
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
College van Beroep wijst beroep af tegen weigering kansspelautomatenvergunning in laagdrempelig horecabedrijf
Appellant verzocht om een vergunning voor het aanwezig hebben van kansspelautomaten in zijn restaurant. Verweerder weigerde deze vergunning omdat het restaurant als een laagdrempelige inrichting werd aangemerkt, waar geen kansspelautomaten mogen worden geplaatst. Appellant voerde aan dat het restaurant een hoogdrempelige inrichting is, omdat er driecomponentenmaaltijden worden geserveerd en het restaurantbezoek op zichzelf staat.
Het College stelde vast dat tijdens inspecties bezoekers voornamelijk koffie, frisdrank nuttigden en aan kaartspelen deelnamen, en dat er geen sprake was van een volwaardig restaurantbedrijf. Hierdoor kwalificeert de inrichting als een laagdrempelige inrichting, waar ook andere activiteiten plaatsvinden die een zelfstandige betekenis hebben.
Het College verwierp het beroep van appellant, oordeelde dat de grondslag van het besluit niet was gewijzigd en dat de rapportages waarop het besluit was gebaseerd voldoende duidelijk en betrouwbaar waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de vergunning voor kansspelautomaten wordt ongegrond verklaard.