ECLI:NL:CBB:2004:AO4264
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- D. Roemers
- W.E. Doolaard
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Bindende aanwijzing wegens overtreding transportcapaciteit Elektriciteitswet 1998 bevestigd
E.ON Benelux Energy B.V. stelde beroep in tegen een besluit van de directeur van de Dienst uitvoering en toezicht energie (Dte) waarin een bindende aanwijzing werd gegeven wegens overtreding van artikel 31a, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998. Deze overtreding betrof het beschikken over meer dan 400 MW transportcapaciteit op het landsgrensoverschrijdende net in de periode 1 tot en met 5 juli 2001.
Appellante voerde aan dat zij niet zelf de beschikking had over de capaciteit, maar dat deze toebehoorde aan het Nederlands Elektriciteits Administratiekantoor (NEA), en dat de bindende aanwijzing daarom onterecht was. Tevens stelde zij dat de bindende aanwijzing onvoldoende duidelijkheid bood over de te nemen maatregelen en dat zij niet in staat was aan deze te voldoen zonder contractbreuk.
Het College oordeelde dat de wetgever een ruime uitleg geeft aan het begrip 'beschikken' en dat de transportcapaciteit die betrekking heeft op de uitvoering van oude contracten van NEA deel uitmaakt van de totale transportcapaciteit van de betrokken productiebedrijven. De bindende aanwijzing is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en is terecht opgelegd. De belangenafweging door verweerder was zorgvuldig en de bindende aanwijzing voldeed aan de eisen van duidelijkheid en redelijkheid.
Het beroep werd ongegrond verklaard. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het College bevestigde daarmee de bevoegdheid van de directeur van Dte om bindende aanwijzingen op te leggen ter naleving van de Elektriciteitswet 1998 en de toepassing van artikel 31a in deze zaak.
Uitkomst: Het beroep van E.ON Benelux tegen de bindende aanwijzing wegens overschrijding van transportcapaciteit wordt ongegrond verklaard.