ECLI:NL:CBB:2004:AO4507
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- B. Verwayen
- M.A. Fierstra
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onredelijkheid bij Meststoffenwet verplichting
Appellant stelde beroep in tegen een besluit van de divisiemanager van Bureau Heffingen waarin een last onder dwangsom werd opgelegd wegens het niet overleggen van een rapport van bevindingen zoals vereist op grond van artikel 42a van de Meststoffenwet. Het College oordeelde dat verweerder bevoegd was bestuursdwang toe te passen en een last onder dwangsom op te leggen, maar dat het opleggen van de dwangsom niet in redelijkheid kon worden verantwoord.
Verweerder stelde dat het rapport van bevindingen noodzakelijk was ter besparing van controle-inspanningen en het voorkomen van onregelmatigheden. Echter bleek dat het rapport geen daadwerkelijke controle van de financiële administratie inhield, waardoor het beoogde belang ontbrak. Hierdoor vond het College dat het belang van appellant om niet onnodige kosten te maken zwaarder woog dan het belang van verweerder.
Het College vernietigde het besluit van 12 september 2003, herroept het besluit van 18 september 2002 en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het bestreden besluit. Tevens veroordeelde het College de Staat tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het College vernietigt het besluit tot oplegging van de last onder dwangsom en veroordeelt de Staat tot vergoeding van proceskosten.