ECLI:NL:CBB:2004:AP1483
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- B. Verwayen
- M.A. van der Ham
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over weigering toekenning extra varkensrechten onder artikel 9 Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Landbouw waarin hun bezwaar tegen weigering van extra varkensrechten op grond van artikel 9 van Pro het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv) werd afgewezen. De besluiten betroffen weigering van toekenning van extra varkensrechten aan appellanten sub 1 tot en met 5, en een gelijksoortig besluit voor appellanten sub 4 en sub 6.
Verweerder had de besluiten gemotiveerd met het ontbreken van een rechtsgeldige titel op de varkensstallen vóór 10 juli 1997, hetgeen het College als onvoldoende en niet deugdelijk gemotiveerd beoordeelde. Tevens stelde verweerder dat appellanten niet voldeden aan de voorwaarden van artikel 9 Bhv Pro, waaronder het bestaan van een duidelijke relatie tussen de mestproductierechten en de milieuvergunning.
Het College oordeelde dat appellanten sub 1 tot en met 5 geen aanspraak kunnen maken op extra varkensrechten omdat zij niet voldeden aan de voorwaarden van artikel 9 Bhv Pro, met name het ontbreken van een duidelijke relatie tussen hun rechten en de milieuvergunning en het niet beschikken over de vereiste huisvesting. Het beroep van appellant sub 6 werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan zelfstandig belang.
De bestreden besluiten werden vernietigd wegens strijd met het motiveringsvereiste van artikel 7:12 Awb Pro, maar de rechtsgevolgen van de besluiten bleven in stand. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellanten sub 1 tot en met 5 en tot vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De bestreden besluiten worden vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; appellant sub 6 is niet-ontvankelijk verklaard en de Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.