ECLI:NL:CBB:2005:AS5102
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- W.E. Doolaard
- F. Stuurop
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid OPTA bij geschillen over kosten en voorwaarden kabelverlegging volgens Telecommunicatiewet
De zaak betreft een geschil tussen KPN Telecom B.V., de gemeente Lelystad en OPTA over de kostenverdeling en bevoegdheid tot geschilbeslechting bij de verlegging van ondergrondse kabels in het kader van een woningbouwproject. De gemeente wilde kabels laten verleggen vanwege bouwrijp maken van grond, waarbij KPN de kosten wilde verhalen op de gemeente. OPTA bepaalde dat KPN de kosten moest dragen, wat KPN aanvocht bij de rechtbank Rotterdam. De rechtbank oordeelde dat OPTA niet bevoegd was om over geschillen over de voorwaarden van artikel 5.7, eerste lid, van de Telecommunicatiewet te beslissen en verklaarde het besluit van OPTA nietig.
Het College van Beroep stelt dat de verwijzing in artikel 5.7, derde lid, van de Telecommunicatiewet duidelijk maakt dat OPTA ook bevoegd is om te oordelen over geschillen over de voorwaarden waaronder de kosten van verlegging voor rekening van de netwerkaanbieder komen. Dit is een uitbreiding ten opzichte van de oude Wet op de telecommunicatievoorzieningen, waarbij OPTA alleen over kostenhoogte kon oordelen. De parlementaire geschiedenis ondersteunt deze ruime uitleg. Het College concludeert dat de rechtbank de bevoegdheid van OPTA ten onrechte heeft beperkt.
Voorts oordeelt het College dat alleen de gedoogplichtige een verzoek tot geschilbeslechting bij OPTA kan indienen, maar dat in deze zaak Lelystad feitelijk als zodanig heeft gehandeld. Het College vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verwijst de zaak terug voor inhoudelijke behandeling. Er worden geen proceskosten opgelegd in hoger beroep.
Uitkomst: Het College vernietigt de uitspraak van de rechtbank en bevestigt dat OPTA bevoegd is om te oordelen over geschillen over kosten en voorwaarden van kabelverlegging, waarna de zaak wordt terugverwezen.