ECLI:NL:CBB:2005:AS5253
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Hagen
- E.J.M. Heijs
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over beschikbaarheid van voederareaal bij tijdelijke overstroming in regeling dierlijke EG-premies
Appellante heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar premieaanvraag voor rundvee vanwege een verschil tussen de opgegeven en feitelijk beschikbare voederareaal, vastgesteld via teledetectie. De percelen in kwestie liggen in uiterwaarden die tijdelijk onder water kunnen staan. Verweerder stelde dat percelen die op enig moment binnen de relevante periode onder water stonden niet als beschikbaar voederareaal konden worden aangemerkt.
Appellante betoogde dat de tijdelijke overstroming een uitzonderlijke omstandigheid was en dat het perceel na korte tijd weer beschikbaar was, ondersteund door een meetrapport en gegevens van Rijkswaterstaat. Het College oordeelde dat het beroep op overmacht niet slaagt omdat het risico van overstroming inherent is aan het gebruik van uiterwaarden.
Het geschil spitst zich toe op de uitleg van het begrip 'beschikbaar' in de relevante EG-verordeningen. Het College acht de uitleg van verweerder restrictief en ziet ruimte voor twijfel over de interpretatie van tijdelijke waterbedekking. Daarom verzoekt het College het Hof van Justitie om prejudiciële beantwoording van twee vragen over de uitleg en verbindendheid van deze bepalingen.
Uitkomst: Het College verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over de beschikbaarheid van voederareaal bij tijdelijke overstroming.