ECLI:NL:CBB:2005:AT2631
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tuchtklacht tegen accountant over tekortkomingen in jaarrekening 2000
Klager diende een klacht in tegen betrokkene, een accountant, over tekortkomingen in de jaarrekening 2000. De raad van tucht verklaarde de klacht gedeeltelijk gegrond en legde een schriftelijke waarschuwing op. Zowel klager als betrokkene gingen in beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Klager stelde dat de jaarrekening aanzienlijk moest worden herzien en dat betrokkene zijn opdracht niet deugdelijk had uitgevoerd, waardoor klager te laat werd geïnformeerd over de werkelijke bedrijfsresultaten. Betrokkene voerde aan dat hij onder grote tijdsdruk werkte, dat hij uitging van juiste gegevens en dat hij niet verantwoordelijk was voor onjuistheden veroorzaakt door de administrateur.
Het College overwoog dat klager niet alle onderdelen van zijn klacht tijdig en voldoende had onderbouwd, waardoor een deel van zijn beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Ten aanzien van betrokkene oordeelde het College dat hij tekort was geschoten in zijn toezicht op de administrateur en dat de jaarrekening daardoor geen deugdelijke grondslag had. De opgelegde maatregel van schriftelijke waarschuwing werd als passend beoordeeld.
Het beroep van klager werd voor het overige verworpen en het beroep van betrokkene volledig afgewezen. De beslissing rustte op artikel 11 van Pro de Gedrags- en Beroepsregels Accountants-Administratieconsulenten en titel IV van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten.
Uitkomst: Het beroep van klager werd deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige verworpen; het beroep van betrokkene werd verworpen en de schriftelijke waarschuwing gehandhaafd.