ECLI:NL:CBB:2005:AT2635
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen tuchtbeslissing over declaraties en in rekening gebrachte werkzaamheden door accountant
Appellant, een accountant, werd door de raad van tucht deels terecht en deels onterecht berispt wegens klachten van een cliënt over het niet verstrekken van specificaties van declaraties en het in rekening brengen van werkzaamheden bij een vennootschap.
De klacht over het weigeren van specificaties werd door het College ongegrond verklaard, omdat appellant aantoonde dat hij aan verzoeken tot specificatie had voldaan en de cliënt geen concrete voorbeelden van weigering had gegeven.
De klacht over het in rekening brengen van werkzaamheden die appellant in het kader van de tuchtprocedure verrichtte bij een vennootschap waarvan de cliënt mede-eigenaar is, werd gegrond verklaard. Het College oordeelde dat dit in strijd is met de eer van het accountantsberoep.
Hoewel inbreuk op de eer van stand een ernstig feit is, zag het College in de bijzondere omstandigheden aanleiding af te zien van een tuchtrechtelijke maatregel.
Het beroep werd gegrond verklaard, de bestreden tuchtbeslissing vernietigd voor zover van toepassing, het tweede klachtonderdeel ongegrond en het derde klachtonderdeel gegrond verklaard, met afzien van sanctie.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard, de bestreden tuchtbeslissing deels vernietigd, en er is afgezien van een tuchtrechtelijke maatregel.