ECLI:NL:CBB:2006:AW5691
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- W.E. Doolaard
- H.O. Kerkmeester
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing nummerplan en schaarste in telecommunicatie
In deze zaak staat de wijziging van het Nummerplan telefoon- en ISDN-diensten centraal, waarbij de bestemming van korte nummers uit de 12- en 13-serie beperkt werd tot diensten ter ondersteuning van de eigen telefoondienst. Mobiele aanbieders maakten bezwaar omdat zij deze nummers ook voor andere diensten wilden gebruiken om hun concurrentiepositie te versterken.
De rechtbank had de beroepen gegrond verklaard en het besluit van de minister vernietigd, stellende dat er onvoldoende sprake was van schaarste en dat de minister onvoldoende had onderbouwd waarom veiling of loting niet als verdeelmechanisme konden worden toegepast. De minister ging in hoger beroep en voerde aan dat absolute schaarste voorkomen moet worden en dat het Nummerplan voldoende nummercapaciteit moet bieden voor tientallen jaren.
Het College oordeelt dat het Nummerplan een besluit van algemene strekking is, maar dat de wijziging van 28 april 2004 geen rechtsgevolg heeft voor de nummers waarop het geschil betrekking heeft. Het College onderschrijft het standpunt van de minister dat absolute schaarste voorkomen moet worden en dat veiling en loting niet bedoeld zijn voor situaties van absolute schaarste. De minister heeft voldoende gemotiveerd waarom de beperkte bestemming van de korte nummers passend is.
Het College verwerpt het standpunt van de mobiele aanbieders dat het nummerplan in strijd is met de regelgeving en bevestigt dat de minister het nummerbeleid zo moet inrichten dat nummers efficiënt worden toegekend en dat er voldoende capaciteit is. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de beroepen ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het College vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de beroepen van de mobiele aanbieders ongegrond.