ECLI:NL:CBB:2006:AX8797
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- C.M. Wolters
- M.A. Fierstra
- J. Borgesius
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens faillissement en ontslag van instantie
Randridge Contracting B.V. (appellante) was in geschil met MN Services N.V. over een factuur betreffende verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds. Na het uitblijven van een beslissing op bezwaar stelde appellante beroep in bij de rechtbank, die zich uiteindelijk onbevoegd verklaarde. Appellante stelde vervolgens hoger beroep in bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Tijdens de procedure werd appellante op 3 augustus 2005 failliet verklaard. MN Services informeerde het College hierover en vroeg ontslag van instantie op grond van artikel 27, tweede lid, van de Faillissementswet, nadat de curator had aangegeven de procedure niet te willen voortzetten. Het College verleende dit ontslag van instantie en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat de factuur van MN Services geen publiekrechtelijke rechtshandeling betrof, waardoor geen beroep mogelijk was. Het College bevestigde dat het hoger beroep niet ontvankelijk kon worden verklaard vanwege het faillissement en het ontslag van instantie, zonder aanleiding voor voortzetting van de procedure. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens faillissement en ontslag van instantie.