ECLI:NL:CBB:2006:AX9712
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
College van Beroep bevestigt schending geheimhoudingsplicht door registeraccountant
Klaagster, een B.V., diende een klacht in bij de raad van tucht tegen appellant, een registeraccountant, wegens het schenden van zijn geheimhoudingsplicht. De raad van tucht verklaarde de klacht gedeeltelijk gegrond en legde appellant een schriftelijke berisping op. Appellant stelde dat hij toestemming had gekregen van klaagster om vertrouwelijke concept-declaraties te gebruiken in een procedure tegen een ex-compagnon, maar klaagster ontkende dit.
Het College stelde vast dat appellant vertrouwelijke gegevens, waaronder concept-declaraties, zonder objectief verifieerbare toestemming aan een derde, zijn compagnon, heeft bekendgemaakt en heeft gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze gegevens hem waren toevertrouwd. Dit was in strijd met artikel 10 van Pro de Verordening Gedrags- en Beroepsregels registeraccountants 1994.
Het College oordeelde dat appellant het vertrouwen van klaagster had beschaamd door opzettelijk zijn geheimhoudingsplicht te schenden ten behoeve van zijn eigen belang. De opgelegde maatregel van schriftelijke berisping werd passend en geboden geacht. Het beroep van appellant werd verworpen en de beslissing van de raad van tucht bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt verworpen en de schriftelijke berisping wegens schending van de geheimhoudingsplicht bevestigd.