ECLI:NL:CBB:2006:AY4164
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- M.A. Fierstra
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verdachtverklaring en ruiming van pluimvee in bufferzone bij Aviaire Influenza-uitbraak
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van de Minister van Landbouw om alle AI-gevoelige dieren op zijn bedrijf in de bufferzone Eindhoven/Nederweert als verdacht te verklaren en te doden. De maatregelen waren genomen in het kader van de bestrijding van de uitbraak van Aviaire Influenza in 2003.
Het College overwoog dat de Minister op redelijke gronden de bufferzone had ingesteld vanwege de verspreiding van het virus en dat alle dieren in die buffer in beginsel in de gelegenheid waren geweest om besmet te raken. De afstand tot besmette bedrijven en het ontbreken van directe contacten konden dit niet weerleggen.
Verder oordeelde het College dat de Minister bevoegd was tot het treffen van de ruimingsmaatregel en dat de keuze voor het doden van de dieren binnen de bufferzone vanuit dierziektenbestrijding gerechtvaardigd was. De schadevergoeding werd in een separaat besluit behandeld.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verdachtverklaring en ruiming van de dieren in de bufferzone Eindhoven/Nederweert wordt ongegrond verklaard.