ECLI:NL:CBB:2006:AY9283
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering EG-akkerbouwsteun wegens niet-premiewaardige percelen
Appellant heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Landbouw waarin zijn eerdere subsidies voor akkerbouwsteun over 2002 en 2003 zijn herzien en teruggevorderd vanwege het niet voldoen van opgegeven percelen aan de definitie van akkerland. Uit satellietbeelden en teledetectieonderzoek bleek dat de percelen in de referentieperiode 1987-1991 niet als akkerland waren gebruikt, maar als grasland.
Appellant voerde aan dat hij mocht vertrouwen op eerdere administratieve controles en dat bewijs uit de referentieperiode niet meer beschikbaar is, waardoor een beroep op overmacht gerechtvaardigd zou zijn. Het College oordeelde dat de interpretatie van satellietbeelden betrouwbaar is en dat appellant de premiewaardigheid van de percelen moet aantonen, wat niet is gelukt.
Verder is vastgesteld dat de terugvordering en sancties verplicht zijn op grond van Europese regelgeving en jurisprudentie van het Hof van Justitie, ook bij herhaalde overtredingen in meerdere jaren. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en de terugvordering bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de onterecht betaalde akkerbouwsubsidies bevestigd.