ECLI:NL:CBB:2007:BA1568
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke geschil over registratie en samenvoeging melkquota na intrekking regeling superheffing 1993
In deze bestuursrechtelijke zaak staat de registratie en samenvoeging van melkquota centraal na de intrekking van de Regeling superheffing 1993 en de invoering van de Regeling superheffing en melkpremie 2004, waarin de mogelijkheid tot samenvoeging van quota niet meer is opgenomen.
Appellant A betwist dat zijn melkquotum per heffingsperiode 2004/2005 en later op naam van B of C is geregistreerd zonder zijn toestemming en wijst op een arbitraal vonnis waarbij B een tegenprestatie voor het quotum aan A verschuldigd is, welke niet is voldaan. Het Productschap Zuivel heeft echter de samenvoeging ambtshalve hersteld om een dreigende superheffingschuld van B te voorkomen.
Het College oordeelt dat het Productschap niet mocht afwijken van het beleid waarbij partijen tot 1 augustus 2004 gezamenlijk een verzoek tot registratie op één naam hadden kunnen indienen. Omdat A niet aan dit verzoek wilde meewerken, had het Productschap de samenvoeging moeten beëindigen. Het beroep van A wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Het beroep van B wordt ongegrond verklaard. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan A.
Uitkomst: Het beroep van A wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding; het beroep van B wordt ongegrond verklaard.