ECLI:NL:CBB:2007:BB0429
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing en uitsluiting ooipremie wegens ontbreken verplaatsingsverklaring
Appellante heeft een premie aangevraagd voor het aanhouden van 342 ooien, waarbij zij aangaf dat de dieren tijdens de aanhoudperiode op één locatie zouden worden gehouden. Tijdens een controle werden echter 254 ooien aangetroffen op andere locaties die niet waren opgegeven en waarvoor geen verplaatsingsverklaring was ingediend. Verweerder wees de premieaanvraag af en sloot appellante voor drie jaar uit voor de premie vanwege het overschrijden van de toegestane afwijking.
Appellante voerde aan dat de zorg en het onderhoud van de schapen waren overgedragen aan een andere onderneming en dat er een notariële akte bestond die dit regelde. Tevens stelde zij dat het bedrijfsregister correct werd bijgehouden en dat zij te goeder trouw had gehandeld. Het College stelde vast dat de afwijzing niet gebaseerd was op het bedrijfsregister, maar op het ontbreken van voorafgaande melding van de verplaatsingen zoals vereist in de Regeling en de EG-verordening.
Het College oordeelde dat zonder de vereiste verplaatsingsverklaringen de betreffende ooien niet als geconstateerde dieren konden worden aangemerkt en dat de sancties uit de EG-verordening terecht waren toegepast. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de ooipremieaanvraag en driejarige uitsluiting wordt gehandhaafd.