ECLI:NL:CBB:2008:BG4006
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- M.A. Fierstra
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- R.J.G.M. Widdershoven
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke procedure over facturering preventieve toetsingen door NOvAA
Appellante, een accountantskantoor, maakte bezwaar tegen facturen van de Nederlandse Orde van Accountants-Administratieconsulenten (NOvAA) voor periodieke preventieve toetsingen in 2004 en 2007. De Raad van Toezicht Beroepsuitoefening AA’s had deze facturen verstuurd, maar het College had eerder geoordeeld dat deze Raad geen bestuursorgaan is en dat er geen wettelijke grondslag bestaat voor het doorberekenen van toetsingskosten.
In de procedure stelde appellante dat de facturen onrechtmatig waren. Verweerder stelde dat de factuur van 2007 een privaatrechtelijke handeling betrof en niet onder de Algemene wet bestuursrecht (Awb) viel. Het College oordeelde dat het beroep tegen de brief van verweerder van juli 2007 deels onbevoegd was, omdat eerst bezwaar bij verweerder moest worden gemaakt.
Het College vernietigde het besluit van 12 juli 2007 wegens onvoldoende motivering en oordeelde dat het bezwaar tegen de facturen niet-ontvankelijk was wegens termijnoverschrijding. De weigering tot creditering van de factuur van 3 mei 2007 werd niet als besluit aangemerkt, zodat daartegen geen bezwaar mogelijk was.
Het College veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten van appellante en bepaalde dat de NOvAA het betaalde griffierecht moest terugbetalen. Hiermee werd de procedurekostenveroordeling uitgesproken en de procedure deels inhoudelijk en procedureel afgerond.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit over de facturen is deels niet-ontvankelijk verklaard en het besluit wegens gebrekkige motivering vernietigd, met een proceskostenveroordeling ten gunste van appellante.