ECLI:NL:CBB:2008:BG8025
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling braakleggingsverplichting en subsidieakkoord akkerbouwsubsidie
Appellant heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Landbouw over de toekenning van akkerbouwsubsidie 2005 op grond van de Regeling GLB-inkomenssteun. De kern van het geschil betreft de berekening van de braakleggingsverplichting en de oppervlakte waarop subsidie wordt toegekend.
Na diverse herzieningen van besluiten en bezwaarschriften heeft het College geoordeeld dat het beroep tegen de eerdere besluiten niet-ontvankelijk is, omdat deze zijn ingetrokken. Het beroep tegen het laatste besluit is ongegrond verklaard. Het College oordeelde dat de braakleggingsverplichting terecht is berekend over de totale oppervlakte inclusief braak, conform artikel 107 van Pro Verordening (EG) nr. 1782/2003.
Voorts is geoordeeld dat de braaklegging die in een andere productieregio plaatsvond dan de subsidieaanvraag, correct is aangepast op basis van het verschil in rendement tussen de regio's, zoals voorgeschreven in artikel 66 van Pro Verordening (EG) nr. 1973/2004 en artikel 36 van Pro de Regeling. De berekening van de subsidie en braakverplichting is daarmee conform de geldende regelgeving.
Uitkomst: Het beroep tegen eerdere besluiten is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het laatste besluit is ongegrond verklaard.