ECLI:NL:CBB:2009:BI1589
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning kansspelautomaten in laagdrempelige horecagelegenheid
Appellant exploiteert een horecagelegenheid en verzocht om een vergunning voor het aanwezig hebben van twee kansspelautomaten. De burgemeester van Leeuwarden weigerde deze vergunning omdat de inrichting als laagdrempelig werd gekwalificeerd vanwege de aanwezigheid van diverse zelfstandige activiteiten zoals salsalessen, spelletjesavonden en dj-optredens.
Appellant voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat vergelijkbare cafés met dartborden wel vergunningen kregen. Verweerder stelde dat er geen sprake was van gelijke gevallen omdat de activiteiten in appellant's inrichting een zelfstandige betekenis hebben en frequenter zijn.
Het College oordeelde dat de inrichting van appellant niet vergelijkbaar is met cafés waar alleen dartborden aanwezig zijn en dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de vergunning voor kansspelautomaten wordt ongegrond verklaard.