ECLI:NL:CBB:2009:BJ8730
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar slachtpremie 2007
Appellant diende bezwaar in tegen het besluit van 26 juni 2008 waarin zijn aanvraag voor slachtpremie voor 17 runderen werd afgewezen. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het pas op 10 oktober 2008 werd ontvangen, terwijl de wettelijke termijn zes weken bedroeg.
Appellant voerde aan dat hij telefonisch tijdig bezwaar had gemaakt en dat de termijnoverschrijding niet aan hem, maar aan de Algemene Inspectiedienst (AID) te wijten was. Ook betwistte hij dat hij van een hoorzitting had afgezien.
Het College oordeelde dat bezwaar maken uitsluitend schriftelijk kan plaatsvinden en dat het bezwaarschrift buiten de termijn was ingediend. De stelling van appellant dat hij telefonisch bezwaar had gemaakt, kon hem niet baten. Verder was er geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding. De telefoonnotitie toonde aan dat de broer van appellant binnen de termijn contact had opgenomen en bezwaar wilde maken, maar het daadwerkelijke bezwaarschrift werd te laat ingediend.
Ten aanzien van de hoorzitting stelde het College vast dat appellant uitdrukkelijk had afgezien van een hoorzitting, zoals blijkt uit een telefoonnotitie. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens termijnoverschrijding.