ECLI:NL:CBB:2012:BV9535
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- E.R. Eggeraat
- M. van Duuren
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete voor voorhanden hebben niet toegelaten gewasbeschermingsmiddel
Appellant, een tuinder, werd beboet wegens het voorhanden hebben van het niet in Nederland toegelaten gewasbeschermingsmiddel Perfekthion S. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond maar handhaafde de boete. In hoger beroep betoogde appellant dat de samenstelling van Perfekthion S niet wezenlijk verschilde van het toegelaten middel en dat hij slechts een kleine hoeveelheid had gebruikt.
Het College oordeelde dat appellant het middel Perfekthion S daadwerkelijk voorhanden had, zoals blijkt uit het boeterapport en de etikettering. Het argument dat het middel in België wel was toegelaten en dat appellant mogelijk het toegelaten middel had aangeschaft, faalde wegens onvoldoende bewijs en te late indiening.
Het College stelde vast dat de boete van €2000, opgelegd op basis van de destijds geldende regeling, niet in stand kon blijven vanwege latere wetswijzigingen die een lagere boete voorschrijven. Daarom werd de boete verlaagd tot €500. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant in hoger beroep en het griffierecht.
De uitspraak benadrukt dat het Ctgb exclusief bevoegd is over toelating van gewasbeschermingsmiddelen en dat het niet aan de gebruiker is om zelf af te wijken van die toelating. Het gebruik van het middel stond niet ter discussie, alleen het voorhanden hebben. De boete is een punitieve sanctie en moet in overeenstemming zijn met de geldende regelgeving.
Uitkomst: De boete wegens voorhanden hebben van een niet toegelaten gewasbeschermingsmiddel is verminderd van €2000 naar €500 en de minister is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.