ECLI:NL:CBB:2012:BW3291
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- E. Dijt
- M.M. Smorenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boetes wegens niet opmaken vervoersbewijzen dierlijke meststoffen
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van B B.V. tegen opgelegde bestuurlijke boetes door de staatssecretaris wegens overtreding van de Meststoffenwet en het Besluit Meststoffenwet. De boetes zijn opgelegd omdat B B.V. in de periode van december 2006 tot juni 2007 circa 872 ton pluimveemest heeft aangevoerd zonder dat daarvoor vervoersbewijzen waren opgemaakt.
B B.V. betoogt dat het mesttransport een intern bedrijfstransport betreft van oude mest afkomstig van een in 1997 aangekocht pluimveebedrijf dat later een varkensbedrijf werd, en dat daarom geen vervoersbewijzen nodig waren. Het College stelt echter vast dat B B.V. deze stelling niet aannemelijk heeft gemaakt en dat de staatssecretaris op basis van concrete feiten en omstandigheden aannemelijk heeft gemaakt dat de mest van buiten het bedrijf afkomstig is.
Het College volgt de rechtbank in haar oordeel dat de staatssecretaris terecht heeft aangenomen dat de Meststoffenwet is overtreden en dat de opgelegde boetes terecht zijn gehandhaafd. Ook het beroep tegen de boete wegens het niet bijhouden van een inzichtelijke administratie wordt verworpen. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van B B.V. wordt afgewezen en de opgelegde bestuurlijke boetes worden bevestigd.