ECLI:NL:CBB:2013:BZ4233
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen vaststelling bedrijfstoeslag 2010 wegens ontbreken procesbelang
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Economische Zaken waarin de bedrijfstoeslag 2010 werd vastgesteld op basis van gemeten perceelsoppervlakten. Verweerder handhaafde het primaire besluit na bezwaar.
Appellant betoogde onder meer dat de meetmethoden onrechtmatig waren en dat de gebruikte interne meetgegevens onvoldoende gemotiveerd waren. Het College stelde ambtshalve de vraag van procesbelang aan de orde, verwijzend naar eerdere jurisprudentie waarin werd aangenomen dat procesbelang bestond bij geschillen over perceelsmetingen in 2009 vanwege de toen gehanteerde voorschotbesluiten.
In 2010 was echter geen onverwachte wijziging in meetmethoden doorgevoerd en waren landbouwers geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld hun opgaven aan te passen. Het College concludeerde dat appellant geen belang had bij het beroep omdat een vergroting van de gemeten oppervlakte geen wijziging van het rechtsgevolg zou opleveren. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Het College achtte het passend dat verweerder het door appellant betaalde griffierecht vergoedt vanwege de onduidelijkheid die was ontstaan door de eerdere werkwijze van verweerder. Er werden geen andere proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van de bedrijfstoeslag 2010 wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.