ECLI:NL:CBB:2014:20
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Schukking
- R.F.B. van Zutphen
- M. Munsterman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ambtshalve opgelegde heffing en administratiekosten door Productschap Tuinbouw
Appellante kreeg voor het jaar 2010 een ambtshalve heffing opgelegd door het Productschap Tuinbouw, vermeerderd met administratiekosten van €40,-. Na bezwaar verklaarde verweerder het bezwaar deels gegrond en trok het primaire besluit in. Appellante handhaafde haar beroep tegen het bestreden besluit, waarin zij betoogde dat zij geen ondernemer was en dat de administratiekosten ten onrechte niet waren gecrediteerd.
Het College overwoog dat de bevoegdheid tot heffing gebaseerd is op verschillende verordeningen en dat de inschrijving van appellante in het handelsregister een weerlegbaar vermoeden van ondernemerschap oplevert. Appellante had niet gereageerd op verzoeken om aangifte te doen, waardoor verweerder bevoegd was de heffing ambtshalve op te leggen met administratiekosten.
Verder oordeelde het College dat het verzoek om vergoeding van proceskosten in bezwaar en beroep niet toewijsbaar was, omdat het primaire besluit niet was herroepen wegens aan verweerder te wijten onrechtmatigheid. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en appellante werd niet in de proceskosten van het beroep veroordeeld.
Uitkomst: Het beroep van appellante is ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding is afgewezen.