Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

mw. mr. M. Munsterman

Rechter

Bekijk deze rechter op De Rechtspraak
Lexboost

Juridische AI-assistent

Lexboost helpt je bij al je juridische werk. Stel vragen in natuurlijke taal en krijg direct:
  • Analyse van jurisprudentie
  • Hulp bij juridisch onderzoek
  • Vergelijking met andere zaken

7 dagen gratis uitproberen, geen creditcard nodig

Professionele functies

  • Rechter

    Rechtbank 's-Gravenhage

  • Rechter-Plaatsvervanger

    Rechtbank 's-Gravenhage

  • Rechter-Plaatsvervanger

    Rechtbank Den Haag

  • Raadsheer-Plaatsvervanger

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch

  • Rechter-Plaatsvervanger

    Rechtbank 's-Gravenhage

  • Senior Rechter

    Rechtbank Den Haag

  • Raadsheer

    College van Beroep voor het bedrijfsleven

  • Raadsheer-Plaatsvervanger

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch

  • Senior Rechter

    Rechtbank Rotterdam

  • Rechter-Plaatsvervanger

    Rechtbank Rotterdam

  • Raadsheer-Plaatsvervanger

    College van Beroep voor het bedrijfsleven

Onderwerpen

  • Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht1059
  • Bestuursrecht506
  • Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht165
  • Bestuursrecht; Ambtenarenrecht28
  • Bestuursrecht; Belastingrecht14
  • Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht6
  • Bestuursrecht; Omgevingsrecht6
  • Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht3
  • Civiel recht1

Uitspraken (1788)

Uitspraken 1 t/m 50 van 1788

ECLI:NL:RBDHA:2026:8627
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing asielaanvraag Sri Lankaanse Tamil wegens gebrek aan gegronde vrees voor vervolging

10 april 2026

De rechtbank Den Haag verklaart het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag van een Sri Lankaanse Tamil ongegrond vanwege onvoldoende onderbouwing en verbeterde situatie in Sri Lanka.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8622
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende onderbouwing risico intrekking Jordaanse nationaliteit

10 april 2026

De rechtbank Den Haag verklaart het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag ongegrond omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat intrekking van zijn Jordaanse nationaliteit leidt tot ernstige schade.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8625
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing asielaanvraag Somalië wegens onvoldoende geloofwaardigheid en risico's

10 april 2026

De rechtbank Den Haag verklaart het beroep van een Somalische asielzoekster ongegrond wegens onvoldoende aannemelijkheid van haar asielmotieven en risico's bij terugkeer, waaronder herbesnijdenis en ernstige schade.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8475
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beoordeling bewaring vreemdeling op grond van artikel 59b Vreemdelingenwet

9 april 2026

De rechtbank Den Haag verklaart het beroep tegen de maatregel van bewaring van een vreemdeling ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af, omdat de maatregel terecht is opgelegd op grond van artikel 59b Vw.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8476
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beoordeling van bewaring en overdracht vreemdeling op grond van artikel 59a Vreemdelingenwet

9 april 2026

De rechtbank Den Haag verklaart het beroep tegen de maatregel van bewaring van een vreemdeling ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af, omdat de zware en lichte gronden terecht zijn aangevoerd en geen lichter middel passend is.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8154
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning

7 april 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af nadat de rechtbank het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de verblijfsvergunning ongegrond heeft verklaard.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8151
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beoordeling niet-ontvankelijkheid asielaanvragen wegens internationale bescherming in Roemenië

7 april 2026

De rechtbank verklaart de asielaanvragen niet-ontvankelijk omdat eisers internationale bescherming genieten in Roemenië en geen reëel risico lopen op schending van artikel 3 EVRM of artikel 4 EU-Handvest bij terugkeer.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8153
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning

7 april 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af nadat de rechtbank het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag ongegrond heeft verklaard.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8161
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning

7 april 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af nadat de rechtbank het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de verblijfsvergunning asiel ongegrond heeft verklaard.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8159
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Niet-ontvankelijk verklaring asielaanvraag wegens internationale bescherming in Roemenië

7 april 2026

De rechtbank verklaart het beroep tegen de niet-ontvankelijk verklaring van de asielaanvraag ongegrond omdat eiseres internationale bescherming geniet in Roemenië en geen reëel risico loopt op schending van artikel 3 EVRM of artikel 4 EU-Handvest.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8158
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na niet-ontvankelijkheid verblijfsvergunningaanvraag

7 april 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af nadat de minister de aanvraag verblijfsvergunning asiel niet-ontvankelijk heeft verklaard en het beroep ongegrond is verklaard.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6360
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens onvoldoende motivering interstatelijk vertrouwensbeginsel Slovenië

23 maart 2026

De rechtbank vernietigt het besluit van de minister om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen vanwege onvoldoende motivering dat Slovenië nog steeds kan worden vertrouwd voor opvangvoorzieningen volgens het interstatelijk vertrouwensbeginsel.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6335
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens onvoldoende motivering Dublinverordening

23 maart 2026

De rechtbank vernietigt het besluit van de minister om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wegens onvoldoende motivering waarom Duitsland verantwoordelijk is, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6361
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak Dublin-verordening

23 maart 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoeker wegens het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6340
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing voorlopige voorziening in Dublinprocedure asielaanvraag

23 maart 2026

De rechtbank Den Haag wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af omdat Duitsland als verantwoordelijke lidstaat is aangewezen voor de asielaanvraag.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6342
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden bij Dublin-besluit

23 maart 2026

De rechtbank verklaart het beroep van eiser tegen het Dublin-besluit niet-ontvankelijk omdat geen beroepsgronden zijn ingediend en het verzuim niet is hersteld.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6343
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak wegens Dublinverantwoordelijkheid Duitsland

23 maart 2026

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af omdat de hoofdzaak reeds is beslist en Duitsland verantwoordelijk is voor de asielaanvraag.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6358
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing asielaanvragen wegens verantwoordelijkheid Duitsland op grond van Dublinverordening

23 maart 2026

De rechtbank Den Haag verklaart de beroepen van eisers tegen het niet in behandeling nemen van hun asielaanvragen ongegrond, omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening en het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt.

ECLI:NL:RBDHA:2026:6359
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Afwijzing voorlopige voorziening in Dublin-procedure asielaanvragen

23 maart 2026

De rechtbank Den Haag wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af in een zaak over de Dublin-verordening waarbij Duitsland verantwoordelijk is voor de asielaanvragen.

ECLI:NL:RBDHA:2026:4162
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag tijdens besluitmoratorium Syrië

2 maart 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van eiseres, legt een beslistermijn van acht weken op en een dwangsom bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:3963
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Voorlopige voorziening tegen overdracht asielzoeker aan Spanje op grond van Dublinverordening

27 februari 2026

De voorzieningenrechter wijst de voorlopige voorziening toe en schorst het besluit om verzoeker over te dragen aan Spanje, vanwege nader onderzoek naar de verzorgende rol en afhankelijkheidsrelatie met zijn dochter.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1885
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag met dwangsom bij overschrijding

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt de minister op binnen acht weken een besluit te nemen op de asielaanvraag, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding tot maximaal €15.000.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1886
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep tegen niet tijdig besluit minister op asielaanvraag Syrië tijdens besluitmoratorium

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens besluit- en vertrekmoratorium Syrië en legt een nieuwe beslistermijn en dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1888
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt dwangsom op wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens het niet tijdig beslissen op een asielaanvraag en legt een dwangsom op aan de minister met een beslistermijn van zestien weken.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1887
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Gegrond beroep wegens niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens besluitmoratorium Syrië

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van eiseres vanwege een besluit- en vertrekmoratorium voor Syriërs, en legt een nieuwe beslistermijn met dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1889
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag met dwangsom bij overschrijding

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt de minister een beslistermijn van acht weken op voor de asielaanvraag, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding tot maximaal €15.000.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1964
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag en legt een beslistermijn van acht weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1882
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt minister beslistermijn en dwangsom op wegens niet tijdig beslissen asielaanvraag

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt de minister een beslistermijn van acht weken op om alsnog te beslissen op de asielaanvraag, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding tot maximaal €15.000.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1880
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen vier weken beslissing nemen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen door de minister en legt een dwangsom op bij overschrijding van de nieuwe beslistermijn van vier weken.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1879
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen vier weken beslissing nemen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen door de minister en legt een dwangsom op bij overschrijding van de nieuwe beslistermijn van vier weken.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1877
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Opvolgend beroep wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen door de minister en legt een beslistermijn en dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1878
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Vaststelling termijn en dwangsom bij niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen door de minister en legt een beslistermijn van vier weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1883
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Gegrond beroep wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag tijdens Besluit- en Vertrekmoratorium Syrië

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van eiseres vanwege het Besluit- en Vertrekmoratorium Syrië en legt een beslistermijn van zestien weken met een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1884
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep tegen niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens Besluit- en Vertrekmoratorium Syrië

5 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag van eiser en legt de minister een beslistermijn van acht weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1640
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag na overschrijding termijn

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep van eiser gegrond wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van acht weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1671
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen vier weken beslissing nemen op machtiging tot voorlopig verblijf

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen door de minister en legt een dwangsom op bij overschrijding van de nieuwe beslistermijn van vier weken.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1669
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens overschrijding beslistermijn asielaanvraag Syrië door minister

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van een Syrische vreemdeling en legt een beslistermijn van zestien weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1668
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank stelt beslistermijn en dwangsom vast bij niet tijdig besluit asielaanvraag Syriër

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op een asielaanvraag van een Syriër en legt een beslistermijn van acht weken en een dwangsom op aan de minister.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1667
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens Besluit- en Vertrekmoratorium Syrië

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van een Syriër tijdens het Besluit- en Vertrekmoratorium en legt een beslistermijn van acht weken met een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1666
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt minister beslistermijn en dwangsom op wegens niet tijdig beslissen asielaanvraag

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep van eiser gegrond wegens het niet tijdig beslissen op een asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van zestien weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1665
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens besluitmoratorium Syrië

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van eiser vanwege een besluit- en vertrekmoratorium voor Syriërs. De minister krijgt acht weken om alsnog te beslissen, met een dwangsom bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1664
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen 16 weken beslissen op asielaanvraag onder dwangsom

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep van eiser gegrond wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van 16 weken op met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1663
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag na overschrijding termijn

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op een asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van acht weken op met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1662
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen vier weken beslissen op asielaanvraag na overschrijding beslistermijn

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op een asielaanvraag en legt een beslistermijn van vier weken op met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1659
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt dwangsom op wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens het niet tijdig beslissen op een asielaanvraag en legt een dwangsom op aan de minister met een beslistermijn van zestien weken.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1658
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag na overschrijding beslistermijn

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens overschrijding beslistermijn door de minister en legt een termijn van acht weken op voor het nemen van een besluit, met een dwangsom bij overschrijding.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1655
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt minister beslistermijn en dwangsom op wegens niet tijdig beslissen asielaanvraag

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens overschrijding beslistermijn asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van zestien weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1653
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Rechtbank legt minister beslistermijn en dwangsom op wegens niet tijdig beslissen asielaanvraag

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep van eiser gegrond wegens overschrijding beslistermijn asielaanvraag en legt de minister een termijn van acht weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1650
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Minister moet binnen acht weken beslissen op asielaanvraag na overschrijding termijn

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens overschrijding beslistermijn asielaanvraag en legt de minister een beslistermijn van acht weken en een dwangsom op.

ECLI:NL:RBDHA:2026:1649
Bestuursrecht; Vreemdelingenrechtuitspraak

Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op asielaanvraag tijdens Besluit- en Vertrekmoratorium Syrië

2 februari 2026

De rechtbank verklaart het beroep gegrond omdat de minister niet tijdig heeft beslist op de asielaanvraag van een Syriër tijdens het Besluit- en Vertrekmoratorium. De minister krijgt acht weken om alsnog te beslissen, met een dwangsom bij overschrijding.